Rogge kent verschillende teeltdoelen. Het graangewas kan worden verbouwd voor food of feed (voedergewas) toepassingen, maar ook als bodembedekker en/of groenbemester na gewassen die laat het veld ruimen. Rogge geeft een vrij snelle en goede grondbedekking en een zeer goede doorworteling van de bouwvoor. Verder is van rogge bekend dat het nog laat gezaaid kan worden en onder lage temperaturen langer doorgroeit. Het wordt vaak gemengd gezaaid met Italiaans raaigras of triticale.
Rogge of roggemengsels komen we de laatste jaren steeds meer tegen op voormalige snijmaïspercelen. Direct na de maïsoogst ingezaaid, legt het gewas de resterende stikstof vast, houdt de bodem gedurende de winter bedekt en levert een snede groenvoer op in het voorjaar. Rogge wordt vooral op zand- en dalgrond geteeld (zowel als graan en als groenbemester), maar doet het ook prima op zavel- en kleigronden. Natte- en slempgevoelige percelen zijn minder geschikt. Winterrogge bewijst ook zijn waarde als het gaat om het vastleggen van grond op stuifgevoelige percelen in onder meer de Veenkoloniën.
|